De eerste helft domineert

Dit blog gaat niet over mij, al zal ik af en toe vertellen over mijn eigen bestaan. Het gaat over iedereen die aan de tweede helft van zijn of haar leven gaat beginnen of is begonnen. Ik schrijf het voor iedereen die, net als ik, vermoedt dat het in die tweede helft moet gebeuren.

We doen net alsof succesvol leven één opgaande lijn zou moeten zijn. Maar dat is de eerste helft-visie op het leven.
We doen net alsof succesvol leven één opgaande lijn zou moeten zijn. Maar dat is de eerste helft-visie op het leven.

Wat dan? Geef het maar een naam: het heeft iets te maken met tot wasdom komen, volwassen worden, met bloeien en oogsten. Het heeft iets te maken met weten wat je te geven hebt in plaats van wat je wil hebben. Of met het soort rijkdom waarvan je aan het einde van je leven kunt zeggen dat je een rijk leven hebt gehad.

We leven echter in een cultuur die alle aandacht legt bij de eerste helft: bij het worden, bereiken, behalen en winnen. Het verheerlijkt de energie van de puber en de jongvolwassene, maar heeft nauwelijks oog voor de energie van de late volwassene en de oudere.

Het is alsof we vooral inademen en uitademen maar lastig vinden. En zelfs nu we gemiddeld ouder worden dan ooit, ontstaat er geen balans.

In de cultuur die de eerste helft verheerlijkt is alles een opgaande lijn, of hoort dat zo te zijn. Het gaat om groei, opbouwen, opklimmen, vermeerderen – en dat is ook leuk en lekker. Herinner je je dat spannende gevoel dat de wereld steeds groter wordt en jij je eigen pad kiest? Ken je de vervulling van succesvol zijn, ergens beter in worden, daar applaus voor krijgen?

Er gaat echter iets mis in een samenleving als de eigenschappen van één levensfase gaan domineren. Als iemand van twintig jaar vervuld is van zichzelf en alles wil onderzoeken, hebben en beheersen, dan is dat volstrekt begrijpelijk. Maar als mannen van veertig, vijftig of zelfs zeventig jaar dat nog steeds doen en daarin aangemoedigd worden, dan is er iets grondig mis.

Toch is dat wat er gebeurd is in de verheerlijking van de topmanagers en het grote geldverdienen, wat uiteindelijk leidde tot de financiële crisis van (of liever: sinds) 2008.

De toon wordt gezet door (vooral) mannen die denken dat het hun werk is om financiële winst te maken voor de aandeelhouders, ook al gaat dat ten koste van werknemers, samenleving en milieu. De rest vertrouwen ze toe aan ‘de markt’. Kijk maar hoe ING-‘topman’ (alleen dat woord al) Hamers zijn salarisverhoging goedpraat, in dezelfde week dat ING 7000 banen schrapt omdat het zo goed gaat met de digitalisering en de winst van de bank.

Donald Trump representeert in extremo een adolescente cultuur.

De Republikeinse presidentskandidaat Donald Trump is de extreme representant van een cultuur die alleen de adolescente waarden verheerlijkt: hij is vervuld van zichzelf, voelt zich voortdurend aangevallen, kleineert anderen, heeft lak aan feiten, pronkt met zijn rijkdom en is er trots op nauwelijks belasting te betalen. Alles draait bij hem om winnen, ten koste van alles, zelfs nu hij wil gaan werken in een publieke functie.

Het beangstigende is vooral dat zoveel Amerikanen Trump serieus nemen. Misschien is dat omdat veel mensen zijn levensvisie herkennen, doordat ze gevormd zijn door ruim een kwart eeuw hyperkapitalisme en individualisme, en door culturele sjablonen die het leven voorstellen als een strijd van goeieriken tegen slechteriken.

We zijn druk druk druk – dat geldt als iets positiefs – en we willen persoonlijk slagen. Dat is de dominante cultuur van de eerste helft. Uitrusten, ontspannen, terugschakelen, ontvangen zijn vooral nodig om weer aan de gang te kunnen en ‘alles eruit te halen wat er in zit’. Uitademen is een noodzakelijk kwaad. En dan heb ik het nog niet eens over onderuitgaan, vallen, op je bek gaan, falen, verliezen. Dat moet eigenlijk vermeden worden – net als de dood zelf.

Toch kan niemand ontkennen dat het erbij hoort. Dat herfst en winter net zo natuurlijk zijn als lente en zomer, uitademen net zo nodig als inademen, en dat elke levensweg gekleurd wordt door vallen en opstaan. En door de dood.

Ik heb wel eens mensen geïnterviewd bij wie alles altijd op rolletjes loopt. Lieve help, wat was dat vervelend.

3 gedachten over “De eerste helft domineert”

  1. Volgens mij is de tweede helft de beste omdat die gewoon niet anders kan bestaan dan bij het loslaten van regie en kontrole en dat je dan gaat voelen hoeveel energie die twee je eigenlijk altijd hebben gekost. En dat daarmee ramen en deuren open gaan naar de ander, het andere. Lastigst is voel ik zelf daarbij het leren leven met het verschil, daarin niet angstig zijn of op jezelf terug plooien, maar dan stroom je wel uit en weg van al dat ikkige gedoe.

  2. Hoewel ik nog niet oud en wijs genoeg ben, wens ik mij als representant van de eerste helft te distantiëren van het beeld dat hier(van) geschetst wordt.
    Daarbij: Trump vertegenwoordigt helemaal geen waarde, laat staan adolescente in extremo. Trump is een Untermensch. Adolescenten zijn te gek.

    1. Ik vind adolescenten ook gaaf. Alleen niet als adolescente waarden alles domineren. Wat Trump betreft: het gaat mij er niet zozeer om wie of wat hij is, maar dat er zoveel mensen zijn die bereid zijn op hem te stemmen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *